eenakter
Altijd is hij op zoek naar een thuis, de man Niemand. Maar altijd als hij zich ergens wil vestigen, mislukt dat. Of hij wordt weggejaagd om één of andere reden, of hij wordt zelf onrustig en vertrekt weer. Onderweg ontmoet hij zonderlinge figuren, sommige die hem weer wegjagen, anderen die voor hem een thuis willen creëren op hun manier. En vooral in hun eigen belang.
fragment
INSPECTEUR
Niemand?NIEMAND
Ja.INSPECTEUR
U lijkt helemaal niet op de robotfoto die wij van u hebben.NIEMAND
Dan zal uw robotfoto niet meer kloppen.INSPECTEUR
Niet brutaal worden; onze robotfoto’s zijn perfect. Als er iets niet klopt, dan bent u dat waarschijnlijk. Hebt u aan gezichtsvervalsing gedaan?NIEMAND
Nee.INSPECTEUR
Ik ga dat natrekken en wee je gebeente als je aan je gezicht hebt geknoeid, Niemand.NIEMAND
(bête, ongemakkelijk) Dat heb ik nog nooit gedaan.INSPECTEUR
Niet tegenspreken. Heb je onze brief ontvangen?NIEMAND
Brief?INSPECTEUR
Gaan we de onnozele onschuld uithangen, ja? Ik waarschuw je, Niemand…NIEMAND
Ja, ja, nu weet ik weer over welke brief u het hebt.INSPECTEUR
Dat zal wel; je hebt vandaag maar één brief ontvangen. Hoe wij dat weten, hé? En?NIEMAND
Ik wist niet dat ik hier geen huis mocht neerzetten, mevrouw.INSPECTEUR
Onwetendheid is geen vrijkaart om wetten te overtreden, Niemand.NIEMAND
Ik vind het toch redelijk bizar, mevrouw.INSPECTEUR
Vind jij onze wetten bizar?NIEMAND
Nee, nee, dat bedoel ik niet maar… deze zone staat als niks geregistreerd. Niet als bouwzone, of als groenzone, of als recreatiezone. Niks.INSPECTEUR
Precies!NIEMAND
Wat: precies?INSPECTEUR
Als ze als niks staat geregistreerd, dan mag je er ook niks op zetten. Dat is toch pure logica, Niemand? Of heb jij daar een ander idee over?NIEMAND
Nee, nee, absoluut niet.INSPECTEUR
Je weet dus wat je te doen staat: opkrassen binnen de 24 uur. Ik kom morgen kijken.